Sacred Seasons 13

Een uur muziek voor de tijd van het jaar. Deze keer de eerste week van de Veertigdagentijd. / One hour of music for this time of the year. The first week of Lent.

Ilja Repin, Verzoeking van Christus / Temptation of Christ, ca. 1900

Jean Richafort
Emendemus in melius

Beurtzang voor de metten van de eerste zondag van de Veertigdagentijd / Matin Responsory for Lent I

Emendemus in melius quae ignoranter peccavimus;
ne subito praeoccupati die mortis,
quaeramus spatium poenitentiae, et invenire non possimus.
Attende, Domine, et miserere; quia peccavimus tibi.
Let us amend for the better in those things in which we have sinned through ignorance;
lest suddenly overtaken by the day of death,
we seek space for repentance, and be not able to find it.
Hearken, O Lord, and have mercy: for we have sinned against thee.
Peccavimus cum patribus nostris, iniuste egimus, iniquitatem fecimus.We have sinned like our fathers, we have acted unjustly and done wrong.
after Baruch 3,2 and Psalm 106,6

Johann Sebastian Bach
Erbarm dich mein, o Herre Gott

Koraalbewerking / Organ chorale

Thomas Tallis
In jejunio et fletu

Beurtzang voor de metten van de eerste zondag van de Veertigdagentijd / Matin Responsory for Lent I

In jejunio et fletu orabant sacerdotes:
Parce, Domine, parce populo tuo, et ne des hereditatem tuam in perditionem.
Inter vestibulum et altare plorabant sacerdotes, dicentes: Parce populo tuo.
Vastend en wenend zullen de priesters bidden:
Spaar, Ene, uw gemeente,
en geef uw erfdeel niet prijs aan de hoon
.
Bij poort en altaar zullen de priesters en Levieten wenen en zeggen:
Spaar, Ene, uw gemeente
In fasting and weeping the priests prayed:
Spare your people, Lord.
Do not make your inheritance an object of scorn.

Near the porch and the altar the priests and levites shall weep, the Lord’s ministers, and shall say:
Spare, O Lord, spare thy people
.
cf. Joel 2,12, 17

Gregoriaans / gregorian chant
Invocabit me

Introitus voor de eerste zondag van de Veertigdagentijd / Introit for Lent I

Invocabit me, et ego exaudium eum,
eripiam eum, et glorificabo eum:
longitudine dierum adimplebo eum.
Hij roept mij aan en ik geef hem antwoord,
ik red hem uit, breng hem tot glorie;
ik verzadig hem met lengte van dagen.
He will call on me, and I will answer him;
I will deliver him and honor him.
With long life I will satisfy him
.
Qui habitat in adiutorium Altissimi: in protectione Dei coeli commorabitur.Wie zetelt in het geheim van de Hoogste, in de schaduw van de Overmachtige overnacht.Whoever dwells in the shelter of the Most High will rest in the shadow of the Almighty.
Psalm 91,1,15-16

Joseph Rheinberger
Angelis suis

Graduale voor de eerste zondag van de Veertigdagentijd / Gradual for Lent I

Angelis suis Deus mandavit de te:
ut custodiant te in omnibus viis tuis
in manibus portabunt te, ne umquam offendas ad lapidem pedem tuum.
Zijn engelen zal hij voor jou gebieden je te bewaken op al je wegen;
op handen zullen zij je dragen, dat je je voet niet aan de steen zult stoten.
He will command his angels concerning you to guard you in all your ways;
they will lift you up in their hands, so that you will not strike your foot against a stone.
Psalm 91,11-12

Gregoriaans / gregorian chant
Ductus est Jesus

Evangelie voor de eerste zondag van de Veertigdagentijd / Gospel for Lent I

Ductus est Jesus
in desertum a Spiritu,
ut tentaretur a diabolo.
Dan wordt Jezus omhooggevoerd naar de woestijn
door de Geest, om beproefd te worden door de uiteenwerper.
Then Jesus was led by the Spirit into the wilderness to be tempted by the devil.
Et cum jejunasset
quadraginta diebus,
et quadraginta noctibus,
postea esuriit.
Na veertig dagen en veertig nachten vasten
raakt hij ten slotte uitgehongerd.
After fasting forty days and forty nights, he was hungry.
Matteüs 4,1-2 / Matthew 4,1-2

Giovanni Pierluigi da Palestrina
Scapulis tuis

Offertorium voor de eerste zondag van de Veertigdagentijd / Offertory for Lent I

Scapulis suis obumbrabit tibi Dominus
et sub pennis ejus sperabis,
scuto circumdabit te veritas ejus.
Met zijn wieken geeft hij je bedekking,
onder zijn vleugels vind je toevlucht,

lijfscherm en schutsmuur is zijn trouw!
He will cover you with his feathers,
and under his wings you will find refuge;
his faithfulness will be your shield and rampart.
Psalm 91,4

Martin Herbst(?)
Forty days and forty nights

Hymne / Hymn

Forty days and forty nights
Thou wast fasting in the wild,
Forty days and forty nights
Tempted and yet undefiled.
Sunbeams scorching all the day,
Chilly dewdrops nightly shed,
Prowling beasts about thy way,
Stones thy pillow, earth thy bed.
Let us thine endurance share,
And awhile from joys abstain,
With thee watching unto prayer,
Strong with thee to suffer pain.
And if Satan, vexing sore,
Flesh or spirit should assail,
Thou, his vanquisher before,
Grant we may not faint nor fail.
So shall we have peace divine,
Holier gladness ours shall be,
Round us too shall angels shine,
Such as ministered to thee.
Keep, O keep us, Saviour dear,
Ever constant by thy side,
That with thee we may appear
At the eternal Eastertide.
George Hunt Smyttan

Gregoriaans / gregorian chant
Scapulis tuis

Communiezang voor de eerste zondag van de Veertigdagentijd / Communion for Lent I

Scapulis suis obumbrabit tibi Dominus
et sub pennis ejus sperabis,
scuto circumdabit te veritas ejus.
Met zijn wieken geeft hij je bedekking,
onder zijn vleugels vind je toevlucht,

lijfscherm en schutsmuur is zijn trouw!
He will cover you with his feathers,
and under his wings you will find refuge;
his faithfulness will be your shield and rampart.
Qui habitat in adiutorium Altissimi: in protectione Dei coeli commorabitur.Wie zetelt in het geheim van de Hoogste, in de schaduw van de Overmachtige overnacht.Whoever dwells in the shelter of the Most High will rest in the shadow of the Almighty.
Dicet Domino: Susceptor meus es tu, et refugium meum; Deus meus, sperabo in eum.Zeggen zal hij tot de Ene: mijn toevlucht en mijn bastion, mijn God:
ik weet mij veilig in hem!
I will say of the Lord, “He is my refuge and my fortress, my God, in whom I trust.”
Psalm 91,1-2,4-5

Georg Neumark, Johann Sebastian Bach
Wer nur den lieben Gott lässt walten

Hymne / Hymn

Wer nur den lieben Gott läst walten
Und hoffet auf Ihn allezeit
Der wird Ihn wunderlich erhalten
In aller Noht und Traurigkeit.
Wer Gott dem Allerhöchsten traut
Der hat auf keinen Sand gebaut.
Wie zich door God alleen laat leiden,
enkel van hem zijn heil verwacht,
weet Hem nabij, ook in de tijden
die dreigend zwart zijn als de nacht.
Want wie op God alleen vertrouwt,
heeft nooit op zand zijn huis gebouwd.
If thou but suffer God to guide thee,
and hope in him through all your ways,
he’ll give thee strength, whate’er betide thee,
and bear thee through the evil days:
who trusts in God’s unchanging love
builds on the Rock that naught can move.
Was helfen uns die schweren Sorgen?
Was hilft uns unser Weh und Ach?
Was hilft es daß wir alle Morgen
Beseuftzen unser Ungemach?
Wir machen unser Kreutz und Leid
Nur größer durch die Traurigkeit.
Wat is de winst als ik vol zorgen
mijn lot met ach en wee beklaag?
Vind ik er baat bij elke morgen
de dag te zien als nieuwe plaag?
Want ons verdriet en onze nood
worden door klagen maar vergroot.
What can these anxious cares avail thee,
these never ceasing moans and sighs?
What can it help, if thou bewail thee
o’er each dark moment as it flies?
Our cross and trials do but press
the heavier for our bitterness.
Man halte nur ein wenig stille
Und sey doch in sich selbst vergnügt
Wie unsres Gottes Gnadenwille
Wie sein’ Allwissenheit es fügt
Gott der uns Ihm hat auserwehlt
Der weis auch sehr wohl was uns fehlt.
Laat dan uw stilte ook uw kracht zijn
en leef uw leven opgewekt.
Laat Gods genade u genoeg zijn,
die voor u uit zijn sporen trekt.
Hij is het zelf die ons voorziet;
wat ons ontbreekt ontgaat hem niet.
Only be still, and wait his leisure
in cheerful hope, with heart content
to take whate’er thy Father’s pleasure
and all-discerning love hath sent;
nor doubt our inmost wants are known
to him who chose us for his own.
Sing / bet / und geh auf Gottes Wegen
Verricht das Deine nur getreu
Und trau des Himmels reichem Segen
So wird Er bey dir werden neu.
Denn Welcher seine Zuversicht
Auf Gott setzt / den verläst Er nicht.
Zing maar en bid, en ga Gods wegen,
doe wat uw hand vind om te doen.
Weet dat de hemel zelf u zegent,
u brengt naar weiden fris en groen.
Wie zich op God alleen verlaat,
weet dat Hij altijd met ons gaat.
Sing, pray, and keep his ways unswerving,
so do thine own part faithfully,
and trust his Word–though undeserving,
thou yet shalt find it true for thee;
God never yet forsook at need
the soul that trusted him indeed.
Georg Neumark
vertaling Sytze de Vries / translated by Catherine Winkworth

Gregoriaans / gregorian chant
Attende Domine

Hymne voor de Veertigdagentijd / Hymn for Lent

Attende Domine, et miserere,
quia peccavimus tibi.
Luister Heer, en wees ons genadig,
want wij hebben tegen U gezondigd.
Hear us, O mighty Lord, show us your Mercy:
Sinners we stand before you.
Ad te Rex summe, omnium Redemptor,
oculos nostros sublevamus flentes:
exaudi, Christe, supplicantum preces.
Tot U, hoogverheven Koning, Verlosser van ons allen,
heffen wij wenend onze ogen op: verhoor
Christus, de gebeden van de smekenden.
To thee, Redeemer, on thy throne of glory:
lift we our weeping eyes in holy pleadings:
listen, O Jesu, to our supplications.
Dextera Patris, lapis angularis,
via salutis, ianua caelestis,
ablue nostri maculas delicti.
Rechterhand van de Vader, hoeksteen,
weg van het heil, poort van de hemel,
was de smetten van onze zonden af.
O thou chief cornerstone, right hand of the Father:
way of salvation, gate of life celestial:
cleanse thou our sinful souls from all defilement.
Rogamus, Deus, tuam maiestatem:
auribus sacris gemitus exaudi:
crimina nostra placidus indulge.
God, wij smeken uw majesteit: verleen
ons zuchten genadig gehoor: :vergeef
ons goedertieren onze misdaden.
God, we implore thee, in thy glory seated:
bow down and hearken to thy weeping children:
pity and pardon all our grievous trespasses.
Tibi fatemur crimina admissa
contrito corde pandimus occulta:
tua Redemptor, pietas ignoscat.
Tegen U hebben wij misdaden begaan,
met berouwvol hart onthullen wij onze geheimen:

Verlosser, moge uw liefde ze negeren.
Sins oft committed now we lay before thee:
with true contrition, now no more we veil them:
grant us, Redeemer, loving absolution.
Innocens captus, nec repugnans ductus,
testibus falsis pro impiis damnatus:
quos redemisti, tu conserva, Christe.
Onschuldig gevangen, zonder verzet weggevoerd,
veroordeeld door valse getuigen tegenover goddelozen:

bewaar hen, Christus, die Gij verlost hebt.
Innocent, captive, taken unresisting:
falsely accused and for us sinners sentenced,
save us, we pray thee, Jesu our Redeemer.
10e eeuw / 10th century

John Ireland
My song is love unknown

Hymne / Hymn

My song is love unknown,
My Saviour’s love to me,
Love to the loveless shown,
That they might lovely be.
O, who am I,
That for my sake
My Lord should take
Frail flesh, and die?
Met liefde ongekend
treedt hij mij tegemoet;
wie arm aan liefde is

leeft toch van zijn tegoed.
Waarom zoekt Hij

met liefde zoet
mijn vlees en bloed,
omarmt Hij mij?
He came from his blest throne,
Salvation to bestow:
But men made strange, and none
The longed-for Christ would know.
But O, my Friend,
My Friend indeed,
Who at my need
His life did spend!
Geboren uit het Licht,
Gods eigen Geesteskind,
zoekt Hij de kleine mens
trots alle tegenwind.
Waaraan, mijn vriend,
heb ik, ondanks
mijn tegenstand,
dit toch verdiend?
Sometimes they strew his way,
And his sweet praises sing;
Resounding all the day
Hosannas to their King.
Then ‘Crucify!’
Is all their breath,
And for his death
They thirst and cry.
Met palmen en gezang
wordt Hij als vorst begroet.
Hosanna’s klinken Hem

een dag lang tegemoet.
Dan: Kruisigt Hem!

Een schreeuw, zo groot,
roept om zijn dood

met aller stem.
They rise, and needs will have
My dear Lord made away;
A murderer they save,
The Prince of Life they slay.
Yet cheerful he
To suffering goes,
That he his foes
From thence might free.
Here might I stay and sing,
No story so divine;
Never was love, dear King,
Never was grief like thine!
This is my Friend,
In whose sweet praise
I all my days
Could gladly spend.
Hier sta ik, Heer, en Zing,
zolang ik ademhaal.
Bij niemand anders vind

ik zo’n royaal onthaal.
Uw vriendschap vraagt

om mijn gezang
dit leven lang,
waar U mij draagt.
Samuel Crossman, vertaling Sytze de Vries

Thomas Tallis
Remember not, o Lord God

Anthem

Remember not, O Lord God, our old iniquities,
But let thy mercy speedily prevent us, for we be very miserable.
Help us God our Saviour, and, for the glory of thy name, deliver us.
Be merciful and forgive our sins, for thy name’s sake.
Let not the wicked people say, “Where is their God?”
We be thy people, and the sheep of thy pasture.
We shall give thanks unto thee for ever.
From age to age we shall set forth thy laud and praise.
To thee be honour and glory, world without end.
Amen.
Gedenk voor ons niet de ongerechtigheden van vroeger,
dat komen met haast uw ontfermingen ons tegemoet!- want hoe machteloos zijn wij!
Help ons, God van onze redding, vanwege de glorie van uw naam, ontruk ons
en doe verzoening over onze zonden, omwille van uw naam.
Waarom zouden de volkeren zeggen: ‘Waar blijft nu hun God!’
En wij, uw gemeente, het wolvee dat gij weidt,
u zullen wij danken voor eeuwig,
van geslacht op geslacht, wij zullen vertellen
dat gij zijt te loven!
U zij de eer en glorie, in eeuwigheid.
Amen.
Psalm 79,8-10, 14

Allessandro Scarlatti
Intellige clamorem meum

Communiezang voor woensdag in de eerste week van de Veertigdagentijd / Communion for Wednesday of Lent I

Intellige clamorem meum:
intende voci orationis meae,
Rex meus, et Deus meus:
quoniam ad te orabo, Domine.
Versta toch mijn verzuchting!
Merk toch op mijn stem om hulp,
mijn koning en mijn God,
want tot u is mijn gebed!
Consider my lament.
Hear my cry for help,
my King and my God,
for to you I pray.
Psalm 5,1-3

Orlandus Lassus
Audi benigne Conditor

Hymne voor vespers in de Veertigdagentijd / Office hymn for vespers in Lent

Audi benigne conditor
Nostras preces cum fletibus
In hoc sacro jejunio
Fusas quatragenario
O goede Schepper, trouwe Heer,
luister naar ons, want keer op keer,
bidt in de Veertigdagentijd
uw kerk om uw barmhartigheid.
O kind Creator, bow thine ear
To mark the cry, to know the tear
Before thy throne of mercy spent
In this thy holy fast of Lent.
Scrutator alme cordium
Infirma tu scis virium
Ad te reversis exhibe
Remissionis gratiam.
Gij kent ons hart, Gij weet dat wij
slechts zijn van broze makelij;
wij mogen weten, God die leeft,
dat Gij ons alle schuld vergeeft.
Our hearts are open, Lord, to thee:
Thou knowest our infirmity;
Pour out on all who seek thy face
Abundance of thy pardoning grace.
Multum quidem peccavimus
Poenasque comparavimus
Sed cuncta qui solus potes
Confer medelam languidis
Wij gaven toe aan ieder kwaad
dat scheiding brengt en wonden slaat,
maar Gij geneest en brengt tezaam,
dat is de lof, Heer, van uw naam.
Our sins are many, this we know;
Spare us, good Lord, thy mercy show;
And for the honour of thy name
Our fainting souls to life reclaim.
Sic corpus extra conferi
Dona per abstinentiam
Jejunet ut mens sobria
A labe prorsus criminum.
Laat zo ons vasten heilzaam zijn:
behoed ons voor de valse schijn,
maar geef een ziel die van U gloeit,

die telkens dichter naar U groeit.
Give us the self-control that springs
From discipline of outward things,
That fasting inward secretly
The soul may purely dwell with thee.
vertaling Koenraad Ouwens, Henk Vogel
translated by Thomas Alexander Lacey

Alonso Lobo
Ave Regina caelorum

Antifoon aan het slot van de completen, tussen Maria-Lichtmis en Witte Donderdag / Concluding antiphon for compline, from Candlemas until Maundy Thursday

Ave Regina coelorum,
Ave Domina Angelorum:
Salve radix, salve, radix sancta,
Ex qua mundo lux est orta:
Wees gegroet, Hemelkoningin,
Wees gegroet, vorstin van de Engelen.
Heil U, wortel; Heil U, poort waaruit het licht voor de wereld is opgegaan.
Hail, Queen of Heaven.
Hail, Lady of Angels
Hail, root, hail, holy root
From whom unto the world a light has arisen:
Gaude Virgo gloriosa,
Super omnes speciosa,
Vale, o valde decora,
Et pro nobis Christum semper exora.
Verheug U, glorierijke Maagd,
die bovenal lieflijk zijt.
Gegroet, Gij wonderschone,
en wees onze voorspraak bij Christus.
Rejoice, glorious Virgin,
Lovely beyond all others,
Farewell, most beautiful maiden,
And ever pray for us to Christ.
12e eeuw / 12th century

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: