Psalm 36

Elk van de veertig dagen naar Pasen een andere psalm, dat is het idee. Net als in mijn onderzoek: psalmen in allerlei stijlen, ook vrije nieuwe teksten die als ‘psalm’ gepresenteerd worden.

Vandaag Psalm 36, met Genemuider bovenstem:

Het trots gedrag des bozen doet
Mij spreken in 't beklemd gemoed:
"Gods vrees is uit zijn ogen,"
Wijl hij zolang zichzelven vleit,
Tot God zijn ongerechtigheid
Niet langer kan gedogen.
Bedrog en onrecht spreekt zijn mond:
't Verstand laat na, den waren grond
Van 't weldoen op te merken;
Des nachts is't kwaad zijn overleg;
Hij stelt zich op een bozen weg,
En schuwt geen snode werken.

Uw goedheid, HEER, is hemelhoog;
Uw waarheid tot den wolkenboog;
Uw recht is als Gods bergen;
Uw oordeel grond'loos; Gij behoedt,
En zegent mens en beest, en doet
Uw hulp nooit vrucht'loos vergen.
Hoe groot is Uw goedgunstigheid!
Hoe zijn Uw vleug'len uitgebreid!
Hier wordt de rust geschonken;
Hier 't vette van Uw huis gesmaakt;
Een volle beek van wellust maakt
Hier elk in liefde dronken.

Bij U, HEER, is de levensbron;
Uw licht doet, klaarder dan de zon,
Ons 't heuglijk licht aanschouwen.
Wees, die U kennen, mild en goed,
En toon d' oprechten van gemoed
Uw recht, waar z' op vertrouwen.
Dat mij nooit trotse voet vertrapp',
Noch boze hand in ballingschap
Ellendig om doe zwerven.
Daar zijn de werkers van het kwaad
Gevallen in een jammerstaat,
Waarin zij hulp'loos sterven.

Tekst: Johannes Eusebius Voet, naar Psalm 36
Melodie: Mattias Greiter
Uitvoering: Erik Eenkhoorn, Hervormde Gemeente Genemuiden
Foto: Dyu – Ha op Unsplash

Plaats een reactie